WAT KAN IK MIJN DISCUSVISSEN TE ETEN GEVEN EN HOE VAAK MOET IK VOEREN?

WAT KAN IK MIJN DISCUSVISSEN TE ETEN GEVEN EN HOE VAAK MOET IK VOEREN?

Het is echt een feest om de discusvissen te mogen voeren. Als je goed op let kom je snel tot de conclusie dat er een pikorde is bij deze vissen. De dominantste vissen zijn uiteraard de eerste die het voer opeisen. Voor het overige voer moet uiteraard nog gestreden worden, maar als je goed voert is er is genoeg voor iedereen.

Gezonde discusvissen zijn dol op eten en zijn zelfs bereid om uit de hand van het baasje te eten. Natuurlijk heeft elke vis zijn voorkeur, maar door afwisselend te voeren komt iedereen aan zijn trekken. Of je nu granulaat, diepvries- of levend voer gebruikt, dat maakt eigenlijk niet zoveel uit, mits het maar van goede kwaliteit is en je voldoende varieert.


Droogvoer

Deze kun je onderscheiden in drie typen: vlokken, korrels en tabletten. Het vlokkenvoer blijft een tijdje aan de oppervlakte drijven maar uiteindelijk zakt het restant als fijn voer langzaam naar de aquariumbodem. Dit is gunstig voor de kleinere (bij)vissen die aan de oppervlakte of in het midden van het aquarium leven. Ook de bodembewoners kunnen profiteren van dit voer. Toch zijn voertabletten een betere keuze omdat je veel gerichter op de doelgroep kan voeren. Vlokkenvoer wordt soms als hoofdvoer gebruikt bij discusvissen.

Verschillende type droogvoer: vlokkenvoer, korrels en tabletten

Opmerkingen:

  • Wij voeren vlokkenvoer alleen in onze discuskweekbakken omdat wij het overtollige voer gemakkelijk kunnen verwijderen van de glazen aquariumbodem. In ons sterk beplant discusaquarium gaf dit vlokkenvoer teveel problemen. De achttien volwassen discusvissen aten alleen de grotere vlokken en de fijnere vlokken werden genegeerd. Het gevolg van het uiteenvallende vlokkenvoer was dat het op de beplanting bleef hangen. De overige aquariumbewoners aten niet al het overtollige voer op met als gevolg verslechterende waterwaarden en algen in mijn aquarium.
  • Het grootste nadeel van vlokken is misschien wel de slechte doseringsmogelijkheden in tegenstelling tot granulaat dat zich heel makkelijk laat doseren met een theelepeltje. Tabletten kan je op aantal selecteren. Als je maar een paar visjes hebt kunnen een paar vlokken al te veel zijn. De werkelijke benodigde hoeveelheid vlokkenvoer is lastig in te schatten. Nu kan je vlokkenvoer in verschillende vlokgrootte kopen, maar overdoseren blijft een bekend probleem.
  • Het vlokkenvoer laat zich ook slecht doseren in een aquarium voederautomaat omdat grotere vlokken de uitgang van de voederautomaat kunnen blokkeren waardoor de vissen te weinig voer krijgen. Maak je de opening van de voederautomaat groter, dan kan je meestal een stortvloed van vlokken verwachten en dat is weer slecht voor de waterkwaliteit. Tot overmaat van ramp is de minste en geringste condensvorming in je voederautomaat al genoeg om het voer te laten klonteren. Het resultaat is dat er dan helemaal geen voer meer uit de voederautomaat komt. Conclusie: vlokkenvoer in combinatie met een aquarium voederautomaat is de meest slecht denkbare combinatie.

Korrels wordt  ook wel granulaat genoemd. Het heeft het voordeel dat het minder snel uit elkaar valt waardoor het de hele bodem kan bereiken. Het voer wat op de bodem valt is nog niet verloren omdat de discusvissen nog een tijdje de bodem afstruinen zodat ook de laatste gaatjes in hun buik gevuld worden. Het voer dat de discusvissen niet meer opeten zal weer door de overige bodembewoners worden verorberd. Het is nu juist de kunst om net genoeg te voeren zodat iedereen voldoende heeft gegeten tot de volgende maaltijd. Een ander voordeel van granulaat is dat je het in verschillende korrelgroottes kan krijgen. De grootte kan variëren van fijn stof tot enkele millimeters. Voor elke leeftijdsgroep is er wel een geschikte korrelgrootte te vinden die op zijn beurt weer aangepast is aan de speciale wensen van de vissen. Een ander voordeel van granulaat is dat het beter geschikt is voor voederautomaten. Vooral voor tussen de middag en de vakantieperioden kan dit een uitkomst bieden. Bedenk wel dat een voederautomaat een mechanisch apparaat is en dat alleen werkt met droogvoer. Het allerfijnste voer is slecht te doseren omdat de voerhoeveelheden zo klein zijn dat een mespuntje al teveel is voor de allerjongste vissen.

Tabletten worden meestal gebruikt voor de bodembewoners. Het voer is zo geperst dat het als een baksteen naar de bodem zakt. Tabletten kunnen lang blijven liggen zonder dat ze uiteen vallen. De grondbewoners zullen deze tabletten langzaam afschrapen waardoor het uiteindelijk toch nog uit elkaar valt. Discusvissen laten deze tabletten met rust omdat het niet hun smaak is. Er zijn maar weinig aquarium voederautomaten te vinden die geschikt zijn voor tabletten. Maar dit hoofdstuk gaat niet over voederautomaten maar over het voeren van discusvissen.


Diepvriesvoer

Voor de gemiddelde aquariaan met een Hollandse bak wordt het diepvriesvoer voor de vissen als een toetje beschouwd. Er zijn vissoorten die het liefst levend voer eten, maar diepvriesvoer is voor het baasje een stuk makkelijker te verkrijgen.

Discusvissen zijn echte scharrelaars. Ze zoeken in alle hoeken en gaten van het aquarium naar voer. Ze eten liever dierlijk diepvriesvoer dan droogvoer. Er is niet voor niets een grote verscheidenheid aan diepvriesproducten te vinden bij de aquariumspeciaalzaken. Elke gerenommeerde kweker heeft wel een eigen diepvriesvoerlijn ontwikkeld die volgens hem beter is dan die van de concurrent. Welk type diepvriesvoer je ook gebruikt, variëren is ook hier het devies. Je kunt het diepvriesvoer ook combineren met droogvoer. In de ochtend en de middag droogvoer uit je voederautomaat (lekker makkelijk voor het baasje als je er niet bent) en in de avonduren het diepvriesvoer uit het handje. Ook voor het diepvriesvoer geldt dat het moet geschikt moet zijn voor de leeftijd van de vissen. Discusvisjes van één cm hebben niets aan een hele mossel, zelfs als wij het fijn zouden malen zal de spijsvertering van het visje het nog niet kunnen verwerken.

Discusmixen kun je verdelen in drie hoofdgroepen:

  1. schelpdieren en vis;
  2. runderhart;
  3. kalkoenhart.

Welke mix je ook gebruikt, het hoofdbestanddeel bestaat uit één van deze ingrediënten aangevuld met groenten, knoflook, paprikapoeder, vitaminen en overige bestanddelen die de vissen lekker vinden. Het is in ieder geval minder eenzijdig dan de soorten die uit één ingrediënt bestaan.